Uit mijn vorige blogs moge duidelijk zijn dat mensen, gelovigen, twijfelen. Dat hoort volgens mij onlosmakelijk bij het menselijk leven en bij het geloof. In mijn laatste blog waren het ervaringen waarbij ik me vragen ging stellen. Ik ben uiteindelijk niet uitgekomen bij de stelling "ik geloof niet meer in God", maar heb in mijn leven wel grote vraagtekens gezet bij het instituut van de christelijke kerk, bij christelijk leiderschap dat boven mij was gesteld en bij christenen die daarin functioneerden. Ik zie bij Peter Tuin en vooral bij Boele Ytsma iets terug van de pijn die christenen elkaar aandoen.
Waarom gebeurt dat toch steeds, vraag ik mij af. Ik heb daar geen afgewogen antwoord op, maar wat ik heb geconstateerd, wil ik hier delen.
Ik zie enerzijds een groep christenen die Boele Ytsma zo sprekend "de kathedraal van het zeker weten" verdedigen. Voor hen staat maar een ding voorop. Dat is het onwrikbaar geloof zoals ons dat in de bijbel is geopenbaard. Dat geloof staat vast, moet worden verdedigd en daarin moeten we vast staan. Dat is de waarheid die men in de bijbel ziet, helaas vaak vermengd met culturele ideeën die men er aan toe voegt.
Aan de andere kant is er een groep christenen die om allerlei redenen vragen stelt bij dat onwrikbare geloof. Die vragen mogen van de onwrikbare christenen niet worden gesteld, want dan wordt er gezaagd aan de stoelpoten van het zorgvuldig opgebouwde bouwwerk. Die reactie geldt echter niet alleen voor mensen die vragen stellen bij dat geloof, maar ook voor mensen die het geloof op een net iets andere manier uitleven. Daarin komt het andere culturele element naar voren, waarbij men gedachten heeft vormgegeven zoals het leven binnen die kathedraal moet geleefd worden. Als dat leven dan net iets anders wordt geleefd op gebied van bijvoorbeeld opvoeding, huwelijk, seksuele opvattingen, politieke opvattingen, leefstijl of -omgeving, wordt er vanuit de kathedraal gereageerd.
De reactie op Boele's twijfel zijn herkenbaar. Er werd in ons geval niet gesmeten met hel en verdoemenis, maar wel dat wij "niet goed bezig waren", "de zegen misten" of "ons niet onderwierpen aan het gezag van de oudsten". Op diverse momenten zijn we een eigen weg gegaan en dat werd ons niet in dank afgenomen. Soms werd ex kathedra verkondigd hoe slecht we wel bezig waren, soms werd het in een, onder het mom van een gezellige visite, moeilijk gesprek verkondigd, soms smeten mensen het ons voor de voeten tijdens de koffie na de kerkdienst.
Dan hadden we vaak de neiging het geloofsbijltje erbij neer te gooien en de kerk eens en voor altijd te verlaten. We hebben het niet gedaan, maar we moesten door veel pijn en moeite heen om te komen waar we nu zijn gekomen. Dat kan soms eenzaam zijn zonder vrienden die het begrijpen of zonder bloggers die het herkennen. Maar we ervoeren dat God aan de andere kant van de kathedraal andere dingen wilde doen. We voelden ons in de steek gelaten door die zogenaamde broeders en zusters die met de waarheid zwaaiden en ons pastoraal moesten vermanen. Maar we ervoeren in het anders-zijn een rust waarin we verder moesten gaan.
De mensen binnen de kathedraal voelden zich bedreigd. Uit angst werd de terrorist in het midden uitgestoten. Zodat de kathedraal weer zijn oude boodschap kon verkondigen. Die anderen konden toch niet gelovig zijn? Daar moest toch iets aan worden gedaan? Rebellen die het gezag van de leidinggevenden ondergraven. We moeten voor die mensen bidden, want ze staan aan de verkeerde kant.
Verkeerd - slecht - zondig - rebels - dwaalleraren. De kathedraal moet die woorden in de mond nemen om het andere te weren uit het midden. De waarheid moet worden verdedigd. De waarheid staat boven alles. Zelfs als mensen uit naam van de waarheid voor het leven gepijnigd worden. Een open gesprek vroegen we aan. We kregen de kous op de kop. Het klopt niet met de waarheid. We hebben het er al over gehad. Het kan niet. We hebben gepleit voor een open pastorale ruimte waarin het andere bespreekbaar kon worden gemaakt. Het kan niet, want dan geef je ruimte voor zonde. Die zonde moet worden uitgeroeid. We moeten ervoor bidden. In een gezonde gemeente hoeft er geen ruimte te zijn, want als we voor je bidden, word je genezen van het pastorale probleem.
De waarheid verdedigen. Ik ben ermee gestopt. Omdat ik het niet meer geloof? Nee. Omdat ik erin teleurgesteld ben? Nee. Maar wel omdat ik geloof dat de Waarheid zichzelf wel verdedigt. De waarheid is vaak met menselijke middelen verdedigd, waardoor mensen werden overdonderd, overpreekt, overladen, ondergesneeuwd werden. Ook in het anders-zijn kan ruimte zijn. Kunnen we leren dat wellicht ons eigen geloof een product is van ons eigen denken, de cultuur rondom ons heen en de waarheid van alle tijden. Naast de kathedraal staat een hutje, ligt een bootje of staat een kraakpand waarbinnen het geloof net zo als waarheid wordt verkondigd, maar op een andere manier.
Daarom blijf ik pleiten voor het open gesprek. Met het andere. Want van het andere kunnen we leren. Als we niet angstig en onzeker zijn en onze sterke vesting moeten verdedigen. Maar zien dat de vesting maar een menselijk bouwwerk is, waarbinnen en waarbuiten nog zoveel meer mogelijk is.
Ja, ook ik heb de vesting verdedigd. Ik herinner me de felle gesprekken met mijn familie over abortus, euthanasie, homoseksualiteit, seks voor het huwelijk, schepping of evolutie... En ik moest het geloof van alle eeuwen met man en macht verdedigen. Terwijl de relatie met de familie verkilde. Ik moest zo nodig met alle middelen dat geloof verkondigen. Verkeerd? Ach, kind van de tijd. Ik wist niet anders. Dat geldt net zo voor die duizenden die zich een hoedje schrikken van al die anders-zijnden in hun kerk. Ik hoop dat ze de ruimte voor die anderen zullen ervaren en de warmte die Jezus had voor het andere zullen geven. En de kou van de naakte waarheid laten vermengen met de liefde die Jezus voor het andere heeft.
Blog van Rick Jansen over leven en werken als kerkelijk pionier in een achterstandswijk
Posts tonen met het label geloof en twijfel. Alle posts tonen
Posts tonen met het label geloof en twijfel. Alle posts tonen
woensdag 26 augustus 2009
dinsdag 25 augustus 2009
Ik geloof niet meer in God? 2
Ik heb het ook zelf meegemaakt. Momenten waarop alles onder mij leek te wankelen en alles wat ik had opgebouwd leek te worden weggevaagd.
Mijn vrouw en ik waren getrouwd in de zekerheid dat we zending zouden gaan bedrijven. Vanaf ons trouwen gingen we in gesprek met tal van zendingsorganisaties. Telkens werd het gesprek afgebroken, omdat we in hun ogen (nog) niet geschikt waren. Na verloop van tijd kwamen we in gesprek met een organisatie die wel wat in ons zag. We zouden terug gaan naar België, waar we elkaar hadden leren kennen en waar ikzelf vijf jaar had gewoond. Daar zouden we met moslims gaan werken. Alles leek heel ontspannen te verlopen en alles wees in de richting van dat land. Totdat we een achterban moesten gaan opbouwen. Veel gesprekken, veel gebed, veel nieuwsbrieven over wat we wilden en welke richting we op wilden gaan. Mooie en fraaie reacties, maar geen toezeggingen voor ondersteuning. Anderen kwamen bij ons en vertelden over hoe ze in geloof waren gegaan en hoe God hen altijd had voorzien. Met een klein kind durfden we die stap niet aan en vroegen God om een duidelijk teken. Hij zou voorzien in het geld voor het einde van het jaar. En... het geld kwam er niet.
Op zo'n moment zakt alle geloofsgrond onder de voeten weg. De zekerheid die we hadden dat wij geroepen waren voor de zending weg. Niet ver weg naar dat zendingsland. In geloof het werk opgezegd en dan nu verplicht een uitkering aanvragen. Alles wat we geloofden voor ons eigen leven viel als een kaartenhuis om. We vroegen God nogmaals om duidelijke leiding. Binnen veertien dagen kregen we een nieuw huis aangeboden in een andere stad, Arnhem. Zekerheid was er niet, twijfel bleef, maar op een of andere manier werden we wel door de God die een deur dichtsloeg gevraagd om een andere weg in te slaan. Hij deed niet zoals wij hadden verwacht, maar leidde ons een andere kant op. Dat is een van de kruispunten in ons leven geweest waarbij de vraag was: volg je je eigen ideeën of God, ook al was op dat moment alle begrip voor waar Hij met ons naar toe wilde weggeslagen.
Een ander kruispunt begon zich af te tekenen toen we wel lid werden van een zendingsorganisatie om in onze eigen nieuwe stad zending onder moslims te gaan doen. Afspraken werden gemaakt, maar volgens de leidinggevende voldeden we er niet aan. We werden op een hele gemene manier door die persoon zwart gemaakt en moesten na verloop van tijd erkennen dat de persoonlijke verhoudingen behoorlijk verslechterd waren, waardoor verder gaan geen zin meer had. Weer stonden we op een kruispunt. Ditmaal een psychische vraag. Ons helemaal invreten in alle gemene redeneringen van de ander en ons helemaal laten verbitteren. Of toch weer terug gaan naar die God die we op dat moment absoluut niet begrepen. We kozen voor het tweede, ook al begrepen we er maar weinig van.
Rond dezelfde periode moesten we van kerk veranderen, omdat we ook op dat gebied op een kruispunt terecht kwamen. We werden naar de rand van die kerk geduwd vanwege manipulatieve neigingen van oudsten die we aan de kaak stelden. Het werd ons niet in dank afgenomen. We hebben de problemen bespreekbaar gemaakt en tot de conclusie gekomen dat we dan maar beter afscheid van de kerk konden nemen. Dan sta je weer op een punt van twijfel. Doe je er goed aan? Is dit wat God wil? Waren de dreigementen dat we ons aan Gods wil onttrokken van die anderen terecht? We zijn weg gegaan, maar met de innerlijke wens ons niet door die anderen te laten terneerdrukken. We wilden hen vergeven, ook al hadden wij alle reden om van het te eisen vergeving aan ons te vragen. Door vergeving te schenken ervoeren we dat we vrij van de situatie kwamen. Nu nog kom ik mensen tegen die in diezelfde situatie hebben gezeten en daar nu nog last van hebben, doordat ze de ander niet konden vergeven. Dit soort situaties kan een basis vormen voor twijfel in God. Want Hij kan de ander toch bewegen ons vergeving te vragen? Het gebeurde echter niet en tot nu toe is er niemand bij ons gekomen om die vergeving te vragen. Wij konden het echter los laten.
Zo zijn we nog meer vergelijkbare situaties in ons leven tegengekomen. Doordat het eerder was gebeurd, konden we de kruispuntervaring herkennen. Toch bleef het gevaar van verbittering vanwege onbegrip van de ander, het niet accepteren van ons in ons anders-zijn levensgroot boven die situaties hangen. Vertrouwen in God die ons in al die tijd niet alleen had gelaten, bleef ons op de been houden. Ook al snapten we niet waarom we regelmatig in die situaties terecht moesten komen.
Op sommige "waarom-ervaringen" hebben we antwoord gekregen. Als we naar Belgie waren gegaan, hadden we hier niet Villa Klarendal kunnen beginnen. Zonder sociale dienst en armoede-ervaring hadden we nu niet kunnen meeleven met mensen die bij de Voedselbank komen. Op andere ervaringen hebben we geen antwoord. God staat blijkbaar dingen toe die wij niet begrijpen en Hij verantwoordt zich daar nu nog niet voor. Dan is de vraag: ga je daarover verder filosoferen en proberen alsnog antwoorden te krijgen, of laat je het voor wat het is in het vertrouwen dat God toch het beste met je voor heeft. Wij hebben geleerd voor de tweede weg te kiezen.
Vertrouwen op iemand die je langzamerhand leert kennen terwijl je in een tegengestelde situatie zit is voor mij ook echt geloven. Je daadwerkelijk overgeven in de handen van de bekende Onbekende en met hart en ziel zeggen dat je dat wilt, terwijl je gevoel iets geheel anders zegt. Zo hebben we door al die situaties leren vertrouwen op God die dichtbij en veraf is. Dichtbij omdat Hij ons soms een knipoog gaf. Veraf, omdat Hij soms zo anders is dan wij kunnen bedenken. Die toestaat dat er puinhopen in ons leven ontstaan. Die toestaat dat we pijn in ons leven ervaren. Maar die ons ook ruimte geeft om van die puinhopen en pijn te leren om Hem dichtbij ons te laten komen. Of Hem ver van ons af te stoten.
Geloof is een keuze, zegt men wel eens. Dat is het inderdaad. Maar wel door moeite en pijn heen. Maar als je dat hebt ervaren, leer je ook de positieve dingen te waarderen. Want gelukkig is het leven niet alleen puinhoop of pijn. Daar mag je dan ook naar uitzien.
Mijn vrouw en ik waren getrouwd in de zekerheid dat we zending zouden gaan bedrijven. Vanaf ons trouwen gingen we in gesprek met tal van zendingsorganisaties. Telkens werd het gesprek afgebroken, omdat we in hun ogen (nog) niet geschikt waren. Na verloop van tijd kwamen we in gesprek met een organisatie die wel wat in ons zag. We zouden terug gaan naar België, waar we elkaar hadden leren kennen en waar ikzelf vijf jaar had gewoond. Daar zouden we met moslims gaan werken. Alles leek heel ontspannen te verlopen en alles wees in de richting van dat land. Totdat we een achterban moesten gaan opbouwen. Veel gesprekken, veel gebed, veel nieuwsbrieven over wat we wilden en welke richting we op wilden gaan. Mooie en fraaie reacties, maar geen toezeggingen voor ondersteuning. Anderen kwamen bij ons en vertelden over hoe ze in geloof waren gegaan en hoe God hen altijd had voorzien. Met een klein kind durfden we die stap niet aan en vroegen God om een duidelijk teken. Hij zou voorzien in het geld voor het einde van het jaar. En... het geld kwam er niet.
Op zo'n moment zakt alle geloofsgrond onder de voeten weg. De zekerheid die we hadden dat wij geroepen waren voor de zending weg. Niet ver weg naar dat zendingsland. In geloof het werk opgezegd en dan nu verplicht een uitkering aanvragen. Alles wat we geloofden voor ons eigen leven viel als een kaartenhuis om. We vroegen God nogmaals om duidelijke leiding. Binnen veertien dagen kregen we een nieuw huis aangeboden in een andere stad, Arnhem. Zekerheid was er niet, twijfel bleef, maar op een of andere manier werden we wel door de God die een deur dichtsloeg gevraagd om een andere weg in te slaan. Hij deed niet zoals wij hadden verwacht, maar leidde ons een andere kant op. Dat is een van de kruispunten in ons leven geweest waarbij de vraag was: volg je je eigen ideeën of God, ook al was op dat moment alle begrip voor waar Hij met ons naar toe wilde weggeslagen.
Een ander kruispunt begon zich af te tekenen toen we wel lid werden van een zendingsorganisatie om in onze eigen nieuwe stad zending onder moslims te gaan doen. Afspraken werden gemaakt, maar volgens de leidinggevende voldeden we er niet aan. We werden op een hele gemene manier door die persoon zwart gemaakt en moesten na verloop van tijd erkennen dat de persoonlijke verhoudingen behoorlijk verslechterd waren, waardoor verder gaan geen zin meer had. Weer stonden we op een kruispunt. Ditmaal een psychische vraag. Ons helemaal invreten in alle gemene redeneringen van de ander en ons helemaal laten verbitteren. Of toch weer terug gaan naar die God die we op dat moment absoluut niet begrepen. We kozen voor het tweede, ook al begrepen we er maar weinig van.
Rond dezelfde periode moesten we van kerk veranderen, omdat we ook op dat gebied op een kruispunt terecht kwamen. We werden naar de rand van die kerk geduwd vanwege manipulatieve neigingen van oudsten die we aan de kaak stelden. Het werd ons niet in dank afgenomen. We hebben de problemen bespreekbaar gemaakt en tot de conclusie gekomen dat we dan maar beter afscheid van de kerk konden nemen. Dan sta je weer op een punt van twijfel. Doe je er goed aan? Is dit wat God wil? Waren de dreigementen dat we ons aan Gods wil onttrokken van die anderen terecht? We zijn weg gegaan, maar met de innerlijke wens ons niet door die anderen te laten terneerdrukken. We wilden hen vergeven, ook al hadden wij alle reden om van het te eisen vergeving aan ons te vragen. Door vergeving te schenken ervoeren we dat we vrij van de situatie kwamen. Nu nog kom ik mensen tegen die in diezelfde situatie hebben gezeten en daar nu nog last van hebben, doordat ze de ander niet konden vergeven. Dit soort situaties kan een basis vormen voor twijfel in God. Want Hij kan de ander toch bewegen ons vergeving te vragen? Het gebeurde echter niet en tot nu toe is er niemand bij ons gekomen om die vergeving te vragen. Wij konden het echter los laten.
Zo zijn we nog meer vergelijkbare situaties in ons leven tegengekomen. Doordat het eerder was gebeurd, konden we de kruispuntervaring herkennen. Toch bleef het gevaar van verbittering vanwege onbegrip van de ander, het niet accepteren van ons in ons anders-zijn levensgroot boven die situaties hangen. Vertrouwen in God die ons in al die tijd niet alleen had gelaten, bleef ons op de been houden. Ook al snapten we niet waarom we regelmatig in die situaties terecht moesten komen.
Op sommige "waarom-ervaringen" hebben we antwoord gekregen. Als we naar Belgie waren gegaan, hadden we hier niet Villa Klarendal kunnen beginnen. Zonder sociale dienst en armoede-ervaring hadden we nu niet kunnen meeleven met mensen die bij de Voedselbank komen. Op andere ervaringen hebben we geen antwoord. God staat blijkbaar dingen toe die wij niet begrijpen en Hij verantwoordt zich daar nu nog niet voor. Dan is de vraag: ga je daarover verder filosoferen en proberen alsnog antwoorden te krijgen, of laat je het voor wat het is in het vertrouwen dat God toch het beste met je voor heeft. Wij hebben geleerd voor de tweede weg te kiezen.
Vertrouwen op iemand die je langzamerhand leert kennen terwijl je in een tegengestelde situatie zit is voor mij ook echt geloven. Je daadwerkelijk overgeven in de handen van de bekende Onbekende en met hart en ziel zeggen dat je dat wilt, terwijl je gevoel iets geheel anders zegt. Zo hebben we door al die situaties leren vertrouwen op God die dichtbij en veraf is. Dichtbij omdat Hij ons soms een knipoog gaf. Veraf, omdat Hij soms zo anders is dan wij kunnen bedenken. Die toestaat dat er puinhopen in ons leven ontstaan. Die toestaat dat we pijn in ons leven ervaren. Maar die ons ook ruimte geeft om van die puinhopen en pijn te leren om Hem dichtbij ons te laten komen. Of Hem ver van ons af te stoten.
Geloof is een keuze, zegt men wel eens. Dat is het inderdaad. Maar wel door moeite en pijn heen. Maar als je dat hebt ervaren, leer je ook de positieve dingen te waarderen. Want gelukkig is het leven niet alleen puinhoop of pijn. Daar mag je dan ook naar uitzien.
Ik geloof niet meer in God? 1
Een uitspraak met een uitroepteken die blogger Peter Tuin deze week op zijn weblog deed. Hij geloofde niet meer in God. En gaf daarvoor zo zijn redenen.
De afgelopen jaren is al vaker gesproken over de relatie tussen geloof (het zeker weten) en twijfel (het niet-zo-zeker weten). Professor Kuitert deed veel stof opwaaien met zijn boek "het algemeen betwijfeld christelijk geloof".
Boele Ytsma spreekt in zijn boek "Van de kaart" dat de kathedraal van het zeker weten als een kaartenhuis in elkaar stortte.
Geloof en twijfel. Of geloof en ongeloof? Ik kies bij dit soort uitspraken en boeken toch veel meer voor het eerste. Ik heb ze dan ook gehoord of gezien. Mensen die het allemaal niet meer zo zeker wisten. Die in een vriendenkring van ongelovigen verkeerden en daardoor in twijfel werden gebracht.
In deze blog een eigen kijk op geloof en twijfel. Zoals ik dat zelf zie. En zoals ik dat zelf heb ervaren. Want volgens mij staat boven alles vast dat iedereen momenten zal mee maken waarbij hij of zij zich afvraagt of alles nu wel zo is zoals tot nu toe is geloofd. Twijfel hoort volgens mij bij het leven. Niet meer en niet minder.
Hoe ontstaat twijfel? Op allerlei manieren. Maar eigenlijk is het terug te voeren tot gebeurtenissen of omstandigheden waardoor het geloof dat tot dan toe is beleden tot wankelen wordt gebracht. Veel gelovigen zijn opgegroeid met een geloof in stelligheden. Zekerheden waar je niet om heen kunt gaan. Althans, volgens de mensen die dat geloof propageren.
Geloof bijvoorbeeld in de almachtige God die als soeverein heerser heerst over deze wereld. Een prachtig geloof. Totdat we worden geconfronteerd met leed om ons heen. Met onrechtvaardigheid. Met mensen die macht uitoefenen over anderen. Met de gevolgen van oorlogen die we met eigen ogen voor ons zien. Dan komen vragen over die almachtige God naar boven. Is die God werkelijk zo almachtig zoals in mijn verleden zo stellig is verkondigd? Als dat zo is, waarom grijpt hij dan niet in in dat leed, in die oorlogen, in al dat onrecht?
Geloof in een God die zo liefdevol is dat Hij doet zoals Hij heeft beloofd. Als wij maar in Hem geloven en op Hem vertrouwen, zal Hij zijn beloften aan ons voltrekken. We geloven het met heel ons hart, met heel onze ziel. Iemand om ons heen wordt ziek. We lezen de beloften van God over genezing. En betrekken dat op deze situatie. We bidden, smeken, vasten en zetten dagen apart om te bidden voor de zieke. Na langdurig gebed, smeken en vasten overlijdt de zieke aan zijn ongeneeslijk verklaarde ziekte. God deed niet zoals Hij belooft in zijn Woord. Ligt het aan ons? Is er zonde in de gemeente? Was de ziekte ten diepste een twijfelaar die zich als de golven der zee liet meevoeren? Voor sommigen is een dergelijke situatie een begin van een periode van twijfel over de vraag of God wel is zoals we altijd hebben geloofd.
De theologie, de set van systematische geloofswaarheden die ons is bijgebracht, past op een punt ineens niet meer. Als dat op een punt niet klopt, in hoeverre klopt dat dan wel op die andere punten?
Geloof en twijfel. Of geloof en ongeloof? Ik kies bij dit soort uitspraken en boeken toch veel meer voor het eerste. Ik heb ze dan ook gehoord of gezien. Mensen die het allemaal niet meer zo zeker wisten. Die in een vriendenkring van ongelovigen verkeerden en daardoor in twijfel werden gebracht.
In deze blog een eigen kijk op geloof en twijfel. Zoals ik dat zelf zie. En zoals ik dat zelf heb ervaren. Want volgens mij staat boven alles vast dat iedereen momenten zal mee maken waarbij hij of zij zich afvraagt of alles nu wel zo is zoals tot nu toe is geloofd. Twijfel hoort volgens mij bij het leven. Niet meer en niet minder.
Hoe ontstaat twijfel? Op allerlei manieren. Maar eigenlijk is het terug te voeren tot gebeurtenissen of omstandigheden waardoor het geloof dat tot dan toe is beleden tot wankelen wordt gebracht. Veel gelovigen zijn opgegroeid met een geloof in stelligheden. Zekerheden waar je niet om heen kunt gaan. Althans, volgens de mensen die dat geloof propageren.
Geloof bijvoorbeeld in de almachtige God die als soeverein heerser heerst over deze wereld. Een prachtig geloof. Totdat we worden geconfronteerd met leed om ons heen. Met onrechtvaardigheid. Met mensen die macht uitoefenen over anderen. Met de gevolgen van oorlogen die we met eigen ogen voor ons zien. Dan komen vragen over die almachtige God naar boven. Is die God werkelijk zo almachtig zoals in mijn verleden zo stellig is verkondigd? Als dat zo is, waarom grijpt hij dan niet in in dat leed, in die oorlogen, in al dat onrecht?
Geloof in een God die zo liefdevol is dat Hij doet zoals Hij heeft beloofd. Als wij maar in Hem geloven en op Hem vertrouwen, zal Hij zijn beloften aan ons voltrekken. We geloven het met heel ons hart, met heel onze ziel. Iemand om ons heen wordt ziek. We lezen de beloften van God over genezing. En betrekken dat op deze situatie. We bidden, smeken, vasten en zetten dagen apart om te bidden voor de zieke. Na langdurig gebed, smeken en vasten overlijdt de zieke aan zijn ongeneeslijk verklaarde ziekte. God deed niet zoals Hij belooft in zijn Woord. Ligt het aan ons? Is er zonde in de gemeente? Was de ziekte ten diepste een twijfelaar die zich als de golven der zee liet meevoeren? Voor sommigen is een dergelijke situatie een begin van een periode van twijfel over de vraag of God wel is zoals we altijd hebben geloofd.
De theologie, de set van systematische geloofswaarheden die ons is bijgebracht, past op een punt ineens niet meer. Als dat op een punt niet klopt, in hoeverre klopt dat dan wel op die andere punten?
Abonneren op:
Posts (Atom)