vrijdag 12 september 2014

Column Friesch Dagblad 71: een kommervolle zomer

Het was me het zomertje wel! Wie de krant leest weet wel dat het in de zomer doorgaans komkommertijd is. Deze zomer was het ont-kom tijd, een periode vol met kommer.

De wereld leek in brand te staan. Een burgeroorlog in Oekraïne, aangezet door buurland Rusland. Een vliegramp die eigenlijk een terroristische daad was van een van de strijdende partijen, waarschijnlijk de separatisten. De opgelaaide oorlog tussen Israël en Gaza.

De verschrikkingen van ISIS of IS die eerst christenen, daarna yezidi’s en daarna Turkmenen opjoeg en ruw uitmoordde. Dan de luchtaanvallen door Amerika ter ondersteuning van de Koerden om de opmars van ISIS, die inmiddels IS, de Islamitische Staat, had uitgeroepen. En toen nog de onthoofdingen van Amerikaanse journalisten. Te wreed voor woorden. En tussendoor de kleinere rampen en oorlogen die alleen de goede lezer of luisteraar opmerkte. Een burgeroorlog in Libië. Een vliegramp in Zuid-Korea en een in Mali (88 Fransen lieten het leven, niets meer van gehoord).

Wat sta je daar als mens machteloos bij te kijken. De politiek probeert een machtsvol antwoord te geven. We zagen pogingen van de OVSE en de Nederlandse regering om naar de rampplek te komen en daar te werken.

Na een paar weken werd dit weer afgelast door de oplaaiende strijd tussen Oekraïne en separatisten, ondanks herhaalde beloften van Oekraïne om doortocht te geven. We zagen pogingen van Egypte en daarachter VS en EU om Israël en Gaza aan het onderhandelen te krijgen. Sancties van Europa richting Rusland en de NAVO die versterking aan de oostgrenzen zoekt. Amerika die ten lange leste toch maar besluit IS te bombarderen om zo een genocide onder yezidi’s en christenen te voorkomen.

Wat moet je als individu met deze berichten? Je kunt er niets tegen doen. Je vraagt je af of het niet sneller kan. Je hoopt dat de politiek snelle beslissingen neemt. Maar we weten uit het verleden dat snelle beslissingen desastreuze gevolgen hebben, kijk maar naar de reactie op 9/11 die nu nog doordendert.

Vrienden van toen keren zich tegen het Westen als vijand, zoals IS. Vrienden? Daar lijkt het op. Financieel worden ze gesteund door bondgenoten van de VS, Koeweit, Qatar en Saoedi-Arabië. En uit betrouwbare bronnen blijkt dat sleutelfiguren van IS in 2012 in Jordanië zijn getraind door de CIA en Special Forces, zodat ze het regime van Syriës president Assad omver konden werpen.

Wanneer deze berichten bovenop een leven komen dat toch al niet zo florissant is, zoals voor veel mensen in onze wijk, slaat bij sommigen de wanhoop toe. Ze willen ontkomen aan deze kommertijd. In wat voor wereld leven we? Komen de Russen onze kant op? Is mijn buurman misschien jihadist?

In zo’n tijd het geluid van hoop laten weerklinken is lastig. Toch blijven we open voor onze Turkse en Marokkaanse buren. En eten sommigen met ons mee. We bidden samen voor de vrede voor nabestaanden van de slachtoffers in Oekraïne én onder de separatisten, voor Israël én Gaza, voor Syrië en Irak, voor de christenen daar, maar ook voor de yezidi’s, Turkmenen, Koerden én jihadgangers van IS. En voor de vrede dichtbij, in onze eigen wijk en omgeving.

vrijdag 13 juni 2014

Meelezen over Oeganda

Zoals u heeft gelezen ga ik maandag voor een week naar Oeganda. Meelezen wat ik daar beleef (afhankelijk van energie en verbindingen):

Volg Mijn blog over Oeganda.

donderdag 12 juni 2014

Column Friesch Dagblad 70: Leren van Afrika

Kan ontwikkelingswerk ons iets leren dat we kunnen toepassen in ‘achterstandswijken’ zoals Klarendal in Arnhem? Dat is een vraag die mij al langer bezighoudt en waarover ik in juni vorig jaar ook al een column schreef.


Een van de punten die mij opvallen is dat zowel in ontwikkelingswerk als wijkwerk een constante geldstroom bestaat, waarbij steeds weer nieuwe professionals worden ingevlogen. Daardoor ontstaat een afhankelijkheidsrelatie van ontvangers naar zowel het projectgeld als de projectmedewerkers. Terwijl je juist zo graag zou willen dat mensen in zowel ontwikkelingslanden als in achterstandswijken onafhankelijk van die gelden en werkers zelf hun problemen gaan aanpakken en eigen oplossingen bedenken.


Inmiddels zijn wij al verder op weg met het uitwerken van deze gedachte. In overleg met ontwikkelingsorganisatie Tear werken we met een Nederlandse versie van ‘Umoja’. Umoja betekent in het Swahili: saamhorigheid, eenwording en eenheid. Het is een van oorsprong in Afrika ontwikkeld programma dat lokale kerken helpt om ‘intensief contact te onderhouden met de gemeenschap waarin zij staan op een heel praktisch niveau, door middel van Bijbelstudies en andere activiteiten’.


Doordat we nu met Tear samenwerken, heb ik kennisgemaakt met een van hun kernwaardes: integral mission (het uitleven van je geloof in Jezus in ieder aspect van het leven, waarbij woord en daad onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn). Kerken zijn niet alleen bezig met prediking, Bijbelstudie en evangelisatie (woord). En ook niet alleen met sociale aangelegenheden (daad). De twee gaan harmonieus met elkaar samen.

‘Ze gaan altijd hand in hand: de verkondiging van de boodschap heeft sociale consequenties omdat we mensen oproepen tot liefde en bekering in alle aspecten van hun leven. Tegelijkertijd heeft onze sociale betrokkenheid consequenties voor de verkondiging van het evangelie omdat we getuige zijn van de levensveranderende genade van Jezus Christus’, aldus een directielid van Tear in 2011.

Volgende week mag ik aan den lijve ervaren wat dit in Afrika betekent, want ik ben gevraagd van 16 tot 24 juni mee te gaan met een voorgangersreis van Tear naar Uganda. Een van mijn vragen is hoe de uitwerking van integral mission in Afrikaanse gemeentes en hun wijken plaatsvindt. En wat ik daarvan kan leren voor het leven en werken van Villa Klarendal in onze wijk. Voorop staat dat ik vooral wil leren van Ugandese christenen en samen met het in gesprek te zijn op basis van gelijkwaardigheid.


Van die reis zal ik op Het Goede Leven, in het Friesch Dagblad en op een nieuwe blog, Rick in Oeganda, verslag doen. Als de Ugandese internetverbinding en mijn conditie het toestaan nog tijdens de reis. Anders na afloop ervan.

woensdag 14 mei 2014

Column Friesch Dagblad 69: kijk over je eigen muren

”Ik wil graag bij Villa Klarendal meehelpen als vrijwilliger. Kan dat?” Een vraag die we de laatste tijd vaker gesteld krijgen. Hoe gaan wij daarmee om als kerk in de wijk? Aan de hand van enkele voorbeelden zal ik duidelijk maken hoe wij de vraag beantwoorden.

Na een uitvoerig gesprek met een vrouw in haar kerk is ze enthousiast. Ze wil graag iets voor de wijk doen en vindt de werkwijze van Villa Klarendal geweldig. Ze komt een keer naar onze brunch en viering om de sfeer te proeven. Daarna nodig ik haar uit voor een bijeenkomst van de landenkookgroep (ook omdat zij Zimbabwaanse is). Ze komt daar en heeft contact met haar tafelgenoten. Na afloop breng ik haar in contact met de opbouwwerker en met een contactpersoon van het vrouwenwerk in de wijk.

Die contacten zijn hartelijk. Al snel is ze een vaste deelnemer aan het vrouwennetwerk. Onlangs heeft ze samen met andere Afrikaanse vrouwen voor het eerst Zimbabwaans en Ghanees gekookt.

Ander voorbeeld. Een man mailt mij over de mogelijkheden voor vrijwilligerswerk in de wijk. We maken een afspraak. Ik vertel hem welke mogelijkheden er zijn binnen Villa Klarendal. En dat we breder kijken dan alleen binnen onze eigen muren. Tijdens de afspraak komt een coördinator van een andere wijkorganisatie binnen. Ik laat de twee met elkaar kennismaken en ze maken een afspraak. De opleiding van de man in de landbouw matcht met een nieuw plan voor stadstuinbouw in de wijk.


Gewoonlijk, als iemand bij ons komt om als vrijwilliger ingezet te worden, denken we eerst binnen de grenzen van onze eigen organisatie of kerk. Daar komt een persoon het beste tot zijn recht, denken wij. Maar omdat Villa Klarendal zich inzet voor de bloei van de wijk denken wij ook verder; over onze eigen Villamuren heen. Voor ons is het belangrijk dat een vrijwilliger tot zijn recht komt maar ook dat de wijk er iets aan heeft. Daardoor kan het gebeuren dat een potentiële vrijwilliger van Villa Klarendal een plek gaat innemen in de wijk,zonder dat hij iets voor de Villa zelf doet.

Wij willen meehelpen de leefbaarheid van de wijk te bevorderen. Wij willen dat niet verengen tot de muren van de eigen organisatie. Kom bij ons en leer de wijk kennen. Leer de wijk kennen en kom in contact met andere organisaties. Ga met hen samenwerken zodat we over en weer waarderen wat er in de wijk gebeurt. Met Villa Klarendal. Maar ook zonder.

zaterdag 19 april 2014

The Passion - de stille tocht in lijdenstijd

Lovende koppen. Enthousiaste reacties. Een wow-ervaring. Er keken 3,2 miljoen mensen naar. Zet die maar in een kerk!

The Passion heeft weer veel tongen losgemaakt. En evenzovele pennenvruchten opgeleverd. Van allerlei kanten. Verbazing vanuit de seculiere, zeker niet gelovige, media. Hoe kan het dat in een tijd van vergaande secularisering, waarbij religie naar de krochten van de samenleving is weggeduwd, zoveel mensen kijken en meedoen met een moderne passie? 

En vanuit de christelijke media kritiek. Een oppervlakkige vertolking van het diepe evangelie. Zet een stel bekende Nederlanders die over het algemeen niet gelovig zijn bij elkaar. Zoek mooie bekende Nederlandstalige popliedjes bij elkaar. En vermeng dat met het paasverhaal. En iedereen kan er iets uit halen.

De meeste christenen zullen de kritieken in christelijke media tot zich hebben kunnen nemen. Ik heb die uit de seculiere media gehoord. Meest duidelijke reactie was in De Volkskrant een recensent die The Passion zag als een moderne vorm van aflaat voor het gewone volk. De elite gaat in deze tijd naar de Matthäus Passion. Het gewone volk heeft zijn eigen Passion gevonden. Het komt op hetzelfde neer. We geloven niet meer zo. We weten niet wat we met Pasen aan moeten. En komen dan bij oude en nieuwe vormen van beleven, waarbij mensen het gezamenlijke en het massale als mooi beleven. Een event die je toch een keer in je leven moet meemaken. Dus loop je fysiek of virtueel mee.

Ikzelf heb er zo mijn bedenkingen bij. In zowel positieve als negatieve bewoordingen. De eerste Passion heb ik thuis gezien met wat mensen van Villa Klarendal. Na afloop zeiden we tegen elkaar "was dat alles?". De vertelling van het passieverhaal vanaf Gethsemane tot aan kruisiging. En daarna mogen mensen het zelf uitzoeken.
Aan de andere kant spelen EO en RKK goed in op het moderne levensgevoel en op nieuw ontstane rituelen. Wat gebeurt er als er iets heel ergs gebeurt in een stad of dorp? Dan organiseren nabestaanden en betrokkenen een stille tocht om de omgekomene(n) te herdenken. Uitmuntend in een herdenkingsplek op de plek waarop de gebeurtenis heeft plaatsgevonden. In die zin komen de uitzendgemachtigden dichtbij dat gevoel. Jezus stierf en wij willen uitdrukking geven aan ons gevoel daarover. Met het symbool dat daarin centraal staat, het kruis, als middelpunt.

Ik zie The Passion dan ook niet als middel om mensen de boodschap van het lijden en sterven van Jezus te verkondigen. Maar veeleer als een culturele uitdrukking van het geloof dat ons land eeuwenlang heeft verbonden. We voelen ons betrokken in de gezamenlijke treurnis over de gebeurtenis van zo lang geleden. En ieder heeft weer een eigen invulling. De een herdenkt het mooie verhaal als een symbool voor hedendaagse mensen. De ander ziet het als kern voor zijn persoonlijk beleefde geloof waaraan hij in grotere kring uitdrukking wil geven.

The Passion kan een aanleiding zijn voor mensen om eens dieper in te gaan op de boodschap van het evangelie. Een soort kerkdeur die je opent, waarna je de kerk of kerkdienst inkomt en ineens geraakt kunt worden door de boodschap die daarin gebracht wordt. De kerkdeur is hier de knop op de afstandsbediening. Geen zwaar houten deur met orgelklanken van ver vervlogen eeuwen. Maar een open programma met herkenbare riten en muziek die we direct kunnen meeneuriën en in de meeste gevallen kunnen meezingen.

"Een muziekfestival op het plein" vergeleek de recensent. Ik zou eerder zeggen een uiting van het geloof in die specifieke vorm. Zodat het geloof niet ver is weggestopt in voor ons vreemde beelden. Maar direct bij ons binnenkomt in beeld, geluid, muziek en gevoel.

Op dezelfde avond kreeg ik via Facebook een persoonlijk bericht van een bekende in de wijk of zij een bijbel van mij kon lenen. Zij wilde die eens lezen. Was er nieuwsgierig naar. Ik heb er niet naar gevraagd. Maar ik zou me niet verbazen als die nieuwsgierigheid is gewekt door The Passion. En zo komen het onpersoonlijke mediaspektakel en het ons-kent-ons in de wijk ineens in het verlengde van elkaar te liggen.

woensdag 9 april 2014

Column Friesch Dagblad 68: Een leven van aanbidding

Wauw! Ik heb God ervaren. Hij was echt aanwezig vandaag. Ik ging gewoon uit mijn dak. Het was in een woord: gewéldig.” Misschien heb je zo’n zin wel eens gehoord na een dienst in een pinkstergemeente, een grote opwekkingsbijeenkomst of een andere christelijke happening. Vaak kreeg ik van dezelfde persoon vervolgens een bericht over ‘the day after’: de kater na de wauw-ervaring. ,,Weer thuis... van de hemel teruggevallen op aarde.”
Ik heb er zo mijn gedachten bij. Niet dat ik dit veroordeel. Want wie ben ik om de Godservaring van een ander neer te sabelen. Maar ik vraag me af of dit de aanbidding is die God wil.
 
Ik las gisteren een blog van aanbiddingsleider Vicky Beecham op Compassion-blog. Zij vertelt dat ze een aantal jaar geleden behoorlijk ziek was. Ze belde een vriendin en vroeg of ze haar kon helpen door haar antibiotica op te halen bij de apotheek en die naar haar te brengen. De vriendin wilde dit doen en kwam niet zo lang daarna bij haar thuis. Ze was de medicijnen vergeten. Maar ze had wel een ‘beterschapskaartje’ meegenomen waar muziek uitkwam. Ze liep de kamer binnen terwijl ze meezong met de muziek. Ze vertelde Vicky hoe erg ze het voor haar vond en dat ze hoopte dat zij zich beter zou voelen door het kaartje. Na een paar minuten moest ze weer weg. De medicijnen heeft ze nooit gebracht. De conclusie van Beecham: ‘Wij kunnen ons soms inbeelden dat onze evenementen, samenkomsten en liederen Gods hart raken. De aanbidding die hij zoekt is meer dan vrolijke liederen en inspirerende samenkomsten. Het gaat erom dat we er zijn voor de armen, degenen die onze hulp nodig hebben en dat we gerechtigheid brengen op plekken en in situaties van ongerechtigheid.’
 
Daar bovenop kwam gisteren het trieste nieuws gisteren dat pater Frans van der Lugt in de Syrische stad Homs is vermoord. Hij weigerde zijn woon- en werkplaats in het klooster van de jezuïeten te verlaten. Hij had het opengesteld voor christenen en moslims die de stad niet konden ontvluchten. Hij ging in tegen de gewone mores: als het ergens moeilijk wordt, vluchten we naar veiliger oorden. Zijn plek was daar. Want waar moesten de mensen anders naar toe?
 
Dat is toewijding die bij mij binnenkomt. Een rots in een zichzelf vernietigende wereld. Die bereid was zichzelf te geven als mens ten dienste van de ander omdat hij geloofde in barmhartigheid en gerechtigheid. Een dergelijke houding gun ik de steden en dorpen in Nederland